| Interviews
met Nicci French |
 |
Trouw, 22-6-'02
(Bron: Trouw, 22-6-'02)
Anders dan het klassieke detective-echtpaar Sjöwall en Wahlöö verbergen French en Gerrard zich achter een enkel vrouwelijk pseudoniem. Voor wie de boeken kent, spreekt dat vanzelf. Het zijn intieme psychologische romans, altijd geschreven in de ikvorm, gedragen door kwetsbare maar toch sterke vrouwelijke heldinnen die zichzelf niet helemaal vertrouwen en waarvan je als lezer ook niet zo zeker bent. Spreekt ze wel de waarheid? Ziet ze het wel goed? Kan ze het wel aan? Dat je alleen weet wat deze niet helemaal betrouwbare heldin loslaat, creëert de superieure spanning in French's romans. Die kwetsbaarheid en eenzaamheid, de fragiliteit van het bestaan, de angst om de grip op je leven te verliezen is wat French en Gerrard het meest fascineert. French: 'Wij wantrouwen het idee van een zeker, stabiel zelf. Onze heldinnen zien hun levens uit elkaar vallen en daar moeten ze doorheen. Zoals in Bezeten van mij, waarin de hoofdpersoon Alice eigenlijk een heel prettig leventje leidt met haar vriendje en haar werk. Dat zet ze op het spel voor een alles verterende passie. Er gebeuren verschrikkelijke dingen. Toch is ze aan het slot niet ontevreden, wil ze die vroegere persoon niet meer zijn.' Gerrard: 'Veel van de thema's in onze romans hebben te maken met het verlies van autonomie. Dat is waar we naar verlangen en waar we tegelijk bang voor zijn. De seksuele passie in Bezeten van mij, het doodsverlangen in Onderhuids. Er is altijd de behoefte om de strijd op te geven. Een verlangen naar rust, naar het niets, zeker in een pijnlijk leven.' De typische French-heldin worstelt met dat verlangen maar weerstaat het. Ze hoeft in die strijd echter weinig hulp te verwachten. De autoriteiten geloven haar niet, of misleiden haar. Vaak met fatale gevolgen. Gerrard: 'De politie maakt ook grote fouten, trouwens, daarin hebben we niets verzonnen. Ook daarom weigeren we om zo'n klassieke detective te schrijven: er is iets verschrikkelijks gebeurd, briljante man komt het oplossen. We houden niet van duidelijke oplossingen, slechte misdadiger, goed slachtoffer. Dat is irreëel. Die troost willen we niet bieden, die willen we juist wegnemen.' Onconventioneel is ook de manier waarop de lezer gedwongen wordt in de huid van de heldin te kruipen. Iedere roman is een helder en beheerst innerlijk relaas van haar diepste gevoelens en angsten: van doodsangst, passie. Het is bijna alsof je intiemer wordt als je met zijn tweeën schrijft. Geestdriftig beaamt het tweetal dat die samenwerking alleaen maar beter en beter gaat. French: 'We begonnen er destijds aan als een schrijfexperiment: we vroegen ons af of je met zijn tweeën één stem zou kunnen creëren. Ons debuut Het geheugenspel was ons meest afstandelijke boek: familie, buitenkant. Daarna ging het steeds meer naar binnen. Een therapeutisch proces, maar ook een chemisch proces. Je moet iets vinden wat ook voor die ander werkt. Het is min of meer een natuurlijk proces dat je dan steeds dichterbij komt. Bij het schrijven van fictie die ertoe doet, moet de beschavingslaag eraf. Het moet gevaarlijk, angstaanjagend, gênant zijn.' Gerrard: 'Je schrijft tegelijk voor jezelf en voor de ander. Die moet je blijven boeien, inspireren. Twee vormen van intimiteit die bij elkaar komen. Het samen schrijven aan een boek is ook heel anders dan wanneer je achteraf je eigen teksten aan iemand laat lezen. Als je er samen in zit is er geen censuur. Je hoeft niet beleefd te zijn.' French: 'Als we voor ons eigen werk schrijven hebben we ook ieder een heel andere stijl, niet Nicci French. Eigenlijk is Nicci French een masker dat we opzetten. Dat is ook precies wat zo bevrijdend is geweest aan haar. We kunnen als Nicci French doen wat we normaliter niet doen. Het is carnaval.' Ook al schrijft ieder van hen verschillende passages in de romans, en gaan ze niet tegelijk achter de pc zitten, lezers die willen ontdekken wie van de twee wat geschreven heeft zullen er een harde dobber aan hebben. Daarvoor zijn de boeken voor- en nadat ze op papier zijn gezet te goed doorgesproken. Eerst het idee, dan de structuur, en maar praten, praten, praten. Wie wat schrijft, blijkt onderweg. Het is maar hoe het loopt. Die voortdurende uitwisseling draagt op haar beurt bij aan de veelgeprezen beheersing van stijl, plot, en spanningsopbouw in hun boeken. French: 'In mijn eigen werk houd ik mij wel bezig met mannelijke dominantie, hoe die nog steeds gevoed wordt terwijl "we" er eigenlijk niet meer in geloven.'Wat dat betreft is er inmiddels ook veel male anxiety. Mannen worden zo steeds beter French materiaal.' Gerrard: 'Maar die verhalen zijn dan van Sean Gerrard.'
Jann Ruyters, Trouw 22-6-'02
|
|