Interviews met Nicci French
 
Trouw, 21-5-'99
(Bron: Trouw, 21-5-'99)

[...] De verterende passie, wie droomt er niet van? Wie speelt nooit met de gedachte om uit te breken uit de alledaagsheid? Wie heeft nooit gezien hoe verliefdheid redelijke mensen in halve en hele dwazen verandert?
Alice Loudon geeft alles op voor een blauwogige man op het zebrapad. De man voor wie ze valt, is een bergbeklimmer die het in de Himalaya tot held heeft gebracht. [...] Hoe het afloopt met Alice - binnen de kortste keren mevrouw Tallis - en haar held, is het onderwerp van Bezeten van mij. [...]
Toen Nicci Gerrard en Sean French Het geheugenspel naar hun agent stuurden, voorzagen ze niet dat die zó enthousiast zou zijn. Een uitgever was snel gevonden en op de Frankfurter Buchmesse van 1996 werd voor de Duitse rechten al 360.000 mark betaald. Ook in Nederland, Frankrijk en Japan verschenen vertalingen.
Gerrard en French hadden het bewijs geleverd: je kunt een schrijver scheppen.
Het echtpaar heeft geen vaste werkverdeling. 
Gerrard: 'Het is niet zo dat hij de research over bergbeklimmen doet en ik de karakters verzin of zo.' Dat betekent voor en tijdens het schrijven eindeloos overleggen en ruziemaken. Dat gebeurt aan de keukentafel met sloten gin-tonic. Beiden schrijven tussen alle bedrijven door.
Gerrard: 'Op vliegvelden, in hotelkamers, in treinen, elk halfuur telt.' Dat moet ook wel. Want behalve haar baan bij de krant heeft Gerrard ook nog eens vier kinderen. Eén jongen en drie meisjes, tussen de 11 en de 5 jaar. De oudste twee zijn uit een eerder huwelijk van Gerrard. 'Soms denk ik echt dat ik gek word,' zegt ze.
Haar man: 'Altijd als ze dat denkt, neemt ze er nog een functie bij.'
Gerrard: 'Van tijd tot tijd overweeg ik mijn vaste baan bij The Observer op te zeggen, maar juist het feit dat je zo weinig tijd hebt maakt je productief.'
French: 'Ik denk nog wel eens terug aan de zeeën van tijd die ik had vóór mijn huwelijk met Nicci. Toen kwam er veel minder uit m'n handen. Kijk maar naar al die schrijvers zonder kinderen die de ene na de andere sabbatical nemen. Hun boeken komen nooit af.'
Gerrard: 'Bovendien zijn zeer soepel bij de krant; vroeger kwam ik er elke dag, tegenwoordig nog maar eenmaal per week. Schrijven doe ik thuis!'
Nicci French schrijft literaire thrillers, een genre dat in Nederland discussie oproept. Sommigen vinden dat boeken met literaire pretenties niet in aanmerking mogen komen voor een prijs als de 'gouden strop'. In misdaadliteratuur moet het gaan om de misdaad en wie het gedaan heeft. Een knappe intrige telt dan sterker mee dan een belabberde stijl.
Gerrard en French: 'In Engeland is het volkomen normaal dat gevestigde literaire schrijvers ook spannende boeken schrijven. Er is ook duidelijk behoefte aan een ander soort misdaadboeken dan bijvoorbeeld Agatha Christie schreef. Dat was gewoon een kwestie van puzzels oplossen. Criminaliteit was vroeger ver weg. De dader bij Christie was altijd iemand 'van buiten'. Van buiten - het idyllische dorp, een jood, een neger, een gastarbeider, iemand uit een lagere sociale klasse.'
French: 'We zijn ons er tegenwoordig veel meer van bewust dat het kwaad dichtbij is. Daarom hebben we nu ook dat thema van die verliefdheid genomen. Iedereen moet dat herkennen. Zó stapel op iemand worden dat het wel even kan duren voor je jezelf terugvindt. Zodat je je laat meeslepen in toestanden waarin je je normaal gesproken nooit zou begeven. Door deze vorm, de psychologische roman, kun je dat aannemelijk maken. Geen enkele vrouw wil door haar man mishandeld worden. Ieder weldenkend mens zegt: loop weg bij die kerel! Toch is er geweld in talloze huwelijken. Echt, je hoeft voor horror niet naar Dracula. Het is in huis.'

Agnes Amelink, Trouw 21-5-'99